Volwaardige burgers
Oog voor didactiek was er volop, zoals onder meer blijkt uit dit antwoord van een Pabo-docent: ‘Burgerschap is voor mij een grondhouding voor een pedagogisch rijke leer- en oefenomgeving voor kinderen, waardoor ze zich veilig kunnen voorbereiden op de toekomst, waarin iedereen er kan zijn.’ Voor Marjoleine Heuving van RKBS Vianova is burgerschap zelfs ‘de nummer 1 taak van de basisscholen. De kernvakken zijn daarbij verantwoordelijk om onze kinderen voor te bereiden op hun toekomst als volwaardige burgers.’
De school als oefenplaats
Veel quotes getuigen van een duidelijk idealisme. Zo is burgerschap voor Miranda Norde van Basisschool de Plakkenberg (onderdeel van Paraat scholen) het ‘uitdragen hoe we met elkaar omgaan, hoe de maatschappij werkt, hoe wij als mensen zijn en zo de kinderen een stevige basis mee te geven.’ De school vormt hierbij het vanzelfsprekende uitgangspunt. Zo stelt een van de leerkrachten dat ‘leerlingen de school zien als oefenplaats om zichzelf vervolgens staande te kunnen houden in de “echte” maatschappij.’ Oog voor wat nodig is op de eigen school en voor de eigen leerlingenpopulatie is bij burgerschapsonderwijs dus belangrijk. Zoals het belang van meertalig lesmateriaal over burgerschap, zoals een van de leerkrachten schrijft. Of de noodzaak tot ‘het klaarstomen van onze dorpse leerlingen voor een multiculturele samenleving vanuit respect en gelijkwaardigheid.’